Bekijk brochure

Goud

Goud is een zacht, helder, geel, natuurlijk materiaal dat miljoenen jaren geleden onder enorme druk is ontstaan in de dieper gelegen lagen van de aardkorst. Hoewel goud voor het eerst werd ontdekt in rivierbeddingen in Azië en Afrika, wordt goud vandaag de dag voornamelijk verkregen via ondergrondse mijnwinning. Een intensief en moeilijk proces. Op een diepte van 3.000 meter moet gemiddeld drie ton erts gedolven en verwerkt worden om één ons goud te winnen. Goud heeft altijd al een onweerstaanbare aantrekkingskracht op de mens gehad. De eerste primitieve beschavingen die goud opgroeven of in de bedding van rivieren vonden, waren onder de indruk van de warme gloed die dit edelmetaal uitstraalde. Goud is zeldzaam en daarom heeft het sinds de zesde eeuw als betaalmiddel gediend.

 

Karaat

Zuiver goud komt zelden voor, het is erg zacht. Daarom is er meestal sprake van een legering met andere metalen, waardoor het goud de eigenschappen krijgt die nodig zijn om er iets van te maken. Kleur, hardheid, taaiheid of kneedbaarheid van het mengsel worden bepaald door de toegevoegde materialen.

 

In Europa wordt de hoeveelheid puur goud die aanwezig is in een sieraad uitgedrukt in duizendste. Zo heeft puur goud, beter bekent als 24 karaats goud, een waarde van 1000 duizendste. In Nederland wordt als standaard norm voor goud 14 karaats goud gebruikt. 14 karaats goud dat voor 0,585 deel uit puur goud bestaat heeft daarom een waarde van 585 duizendste. De ‘rest’ noemen we bijzet en bestaat meestal uit zilver of koper. In 18 karaat goud zit 18/24ste puur goud, oftewel 750 duizendste. Aan de verschillende bij-metalen ontleent goud haar kleurnuances. Rood goud ontstaat door toevoeging van koper en witgoud door aan de legering palladium toe te voegen.

 

Kleurschakeringen in goud

Als zuiver goud uit de grond komt, dan is het een zeer zacht metaal wat makkelijk slijt. Het is in deze zeer gemakkelijk te bewerken. Als je erop bijt voel je het metaal vervormen. Nadeel is, als je er een juweel van maakt en je loop ermee tegen een muur, dan vervormt het. Om dit slijtvast en steviger te maken is men er legeringen mee gaan maken. Dit legeren brengt verkleuringen met zich mee. De meest voorkomende kleuren in goud zijn:

 

Geel goud

Dit is een legering met goud, koper en zilver. Men probeert zo goed mogelijk de ‘echte’ kleur van zuiver goud te benaderen.

 

Witgoud

Dit is een legering van goud en nikkel. Tegenwoordig gebruiken goudsmeden de legering van goud en palladium, omdat mensen soms overgevoelig voor nikkel zijn. Palladium geeft geen allergische reactie en kan dus op of door de huid gedragen worden. Dit witgoud is niet wit maar gelig van kleur. Voor een perfecte witte kleur worden sieraden daarom vaak gerodineerd. Er wordt dan door middel van elektrolyse een zeer dun laagje rodium op het sieraad aangebracht. Echter, deze opper laag is aan slijtage onderhevig en na verloop van tijd zal een witgouden sieraad zijn originele gelige kleur terug krijgen.

 

Rood- of rosegoud

Dit is een legering van goud, koper en een klein beetje zilver. Naarmate men meer koper toevoegt zal de legering meer rood worden.

Pure Strength

Natural Colours

Life

Significant

Inspired

Inspired

Evolution

Nature

In Time

Forever

Timeless

Simply Beautiful